Bier en wild

Bier en wild: een gevleugelde combinatie

Herfst. Bladeren vallen, temperaturen dalen en een gure wind steekt de kop op. De barbecue heeft deze zomer z’n diensten bewezen en dat verfrissende pilsje heeft ons ook bijzonder gesmaakt. Maar nu het najaar is, is het tijd voor een stevige pot: wild en bier. Lekker stel is dat.

Maar welk bier schenk je nou bij welk gerecht? Da’s nog niet zo simpel. Je zou zeggen dat de krachtige smaken van wild vragen om een straf bier, een tripel. Het kan. Dat zorgt voor een flinke smaakintensiteit, maar het zou ook ietsjes te zwaar op de maag kunnen liggen. Bij een stevig stuk haas of wild zwijn is een een Brabantse tripel is een prima optie. Bij voorkeur eentje met  zachte en bloemige hoparoma’s.

Maar ook bij wild en bier geldt: niet overdrijven! Een stevig bier mag de smaak van een gerecht niet overschaduwen. Een parelhoentje of kwarteltje smeken om een stukje afstemming. En dat zit ‘m dan niet alleen in de smaak van het vlees. Ook de vaak begeleidende aardappelroosjes en de subtiele smaken van rode biet, zilveruitjes, witlof, kweepeer, jonge veldgroenten vragen om een beetje finesse.

In z’n algemeenheid passen de volle karameltonen van bijvoorbeeld een bockbier prima bij wild. En laat nou juist die bockbiertjes tegenwoordig in heel veel variaties als paddestoelen uit de grond schieten. Neem dus vooral zelf de proef op de som.